Karamelkoekjes

Karamelkoekjes

Voor de karamel

  • 125 gr suiker
  • 40 ml water

Voor het deeg 

  • 225 gr bloem
  • 60 gr amandelmeel
  • 175 gr boter, op kamertemperatuur
  • 1 tl vanille-extract
  • ¼ tl zout ·
  • 100 gr fijne suiker

 

Doe voor de karamel de suiker met het water in een pan en laat dit koken tot een goudbruine karamel. Roer tijdens het koken van de karamel niet in de pan! Je mag de pan wel een beetje schuinhouden om het mengsel wat te verdelen. Giet de hete karamel op een stuk bakpapier en laat het afkoelen. Breek de afgekoelde karamel in stukken en hak die grof in een keukenmachine.

Doe de bloem, het amandelmeel, de boter, het vanille-extract, het zout en de fijne suiker in een kom en meng hier een deeg van. Voeg als laatste de karamelstukjes toe. Maak van het deeg rollen van 3 centimeter doorsnede en verpak deze in plasticfolie. Laat ze minimaal 1 uur rusten in de koelkast.

Verwarm de oven voor op 180 °C.

Bekleed een bakplaat met bakpapier. Haal de deegrollen uit het plastic en snijd ze in plakjes van ongeveer ½ centimeter dik. Leg deze met voldoende tussenruimte op de bakplaat. Bak de koekjes in ongeveer 10 minuten goudbruin. Laat de karamelkoekjes afkoelen op een rooster.